Fietsen Vlaamse Kust

‘Langs de Vlaamse Kust - deel 1’

Joost Brantjes
Vlaamse Kust

Als je je kwaad maakt, fiets je in één dag van Nederland naar Frankrijk; de Vlaamse kust telt maar zeventig kilometer. Maar er valt veel moois te zien en te beleven, het is dichtbij en de Belgische kust verschilt in veel van onze eigen kust. Een reis van Knokke naar Oostduinkerke, met meer Noordzeegarnalen dan een Marokkaanse huisvrouw in één maand kan pellen.

Het terras van Brasserie Rubens in Knokke biedt zicht op de Noordzee. De zon schijnt en ze hebben plek, dus een excuus om witte wijn te drinken om half één ’s middags is gevonden. Obers met witte voorschotten lopen af en aan en de tomate crevettes, een ontvelde tomaat die met handgepelde Noordzeegarnalen is gevuld, smaakt als een rodeloperwelkom voor de Vlaamse kust.

Het plan is even eenvoudig als aanlokkelijk: we gaan de Vlaamse kust af. Van de grens met Nederland tot de grens met Frankrijk.

Internationale luchthaven
In de zomer van 2016 is het compleet gerenoveerde Zwin Natuurpark heropend. Pal aan de grens met Nederland ligt nu “de internationale luchthaven voor vogels”, want het unieke landschap van de Zwinvlakte, met slikken, schorren en het vogeleiland wordt volop gebruikt door trekvogels.

Het gebied is met miljoenen euro’s schoongemaakt en opnieuw ingedeeld. Nu begint het bezoek in het matzwarte Expo onthaalcentrum van architectenbureau Coessée & Goris, een minimalistisch samenspel van ruw hout en beton, dat door toepassing van de laatste innovaties duurzaam is. Om een jong publiek te trekken zijn er interactieve tentoonstellingen en er is veel informatie over de trekvogels die het Zwin als luchthaven gebruiken. Eenmaal buiten volg je een parcours door het park. Er zijn kijk –en voerhutten en er is een laboratorium voor experimenten. De weidse landschappen met polders en duinen tot aan de Noordzee zijn intens groen door het felle junilicht.

We overnachten in Blankenberge, een badplaats die al in de tweede helft van de 19e-eeuw op de kaart stond van de naar frisse zeelucht zoekende Europese adel. Het Centrum Belle Epoque, gehuisvest in drie gerestaureerde villa’s, geeft een goede indruk van het “Gouden Tijdperk” dat duurde van 1870 tot 1914.

Couscous met haring
In club restaurant Cabo koken chefs Thierry Mistiaen en Nijmegenaar Nick Lammers met seizoensproducten. De handgerolde m’hamsa couscous met rode biet en haring blijkt een heerlijke combinatie. Als we over de Koninklijke Baan teruglopen naar het hotel, een straat die om de volgepakte jachthaven heen krult, begeleiden krijsende meeuwen onze avondwandeling.

Net als de Europese adel wist ook Albert Einstein de Vlaamse kust te vinden. Hij vluchtte in 1933 voor het Nazi regime en onderweg naar Amerika verbleef hij zes maanden in De Haan, een fraaie badplaats zonder hoogbouw die nog altijd door veel Duitsers wordt bezocht. Het Grand Hotel Bellevue uit 1912 is onlangs prachtig gerenoveerd. De minimalistisch ingerichte kamers fluisteren ingetogen chic, een stijl die is doorgevoerd in het restaurant.

De Haan heeft ook België’s mooiste tramstation, gebouwd toen in 1886 de stroomtramlijn van Oostende naar Blankenberge opende. Van alle Belgische badplaatsen ademt De Haan, met haar vele villa’s in Engels-Normandische stijl in de Concessie wijk, het meest de sfeer van de belle époque uit.

Meer van nu is de Twins Club, op een afgelegen plek aan het eindeloos brede strand van Bredene. Hier kun je leren zeilen, surfen en kiten en gezien het grote aantal kinderen dat met wetsuits aan in zee geconcentreerd naar hun instructeur luisteren, zijn de sporten bijzonder populair. Bij de lunch in het moderne clubgebouw komen weer Noordzeegarnalen op tafel, een delicatesse waar je nooit genoeg van kunt eten.


> Lees meer over de Vlaamse Kust in deel 2. 

Bron:
Joost volgde de Vlaamse kust op uitnodiging van Toerisme Vlaanderen


Deze publicatie verscheen eerder op het reisblog www.nextdestination.nl.